395px

Hermoso planeta

Armand

Wondermooie planeet

Er wordt een nieuwe dag geboren
De alchemist haalt de dauw van het veld
De hemel is nog mistig en grauw

Maar ik zie al plekjes blauw
door de grijze januarimorgen
Ik ben smoorverliefd op alles wat leeft
En daarom zijn er weinig zorgen
En de vogels worden wakker,
de dappere overwinteraars
En ik wil ze gaan begroeten,
ik sta al met een been in de laars

Wondermooie planeet,
ik heb je mensengod niet nodig
Met een blik om me heen is ie kompleet overbodig
Zo'n vulgaire verpersoonlijking
van al het aardse schoon
Zie ik niet zitten,
daarvoor is het leven te buitengewoon

In de bossen, op de velden
begroeten de dieren de nieuwe dag
Ook de Bestenaar met zijn hagelkanon
gaat op pad met een grimmige lach
Zou hij nog 'n vos kunnen vermoorden
dan komt ie misschien weer in de krant
En waar blijft de journalist die schrijft:
Gooi dit gajes aan de kant

En daar waar men zich beroept op jou,
zijn de pantoffelhelden te vinden
Die met jouw naam op de lippen
dierenlijkjes tonen aan hun vrinden
En de kerken vullen zich
's zondags met geprevel en gelal
Van de misselijke bewonderaars
die kicken op zo'n triest geval

De stilte wordt gezocht,
als je haar vindt ben je bang
Want de stem van je binnenste,
die zwijgt al zo lang
De radio, die praat voor je
en de televisie kijkt
En jij wacht op je hiernamaals,
terwijl je over de prijzen zijkt

Hermoso planeta

Un nuevo día nace
El alquimista recoge el rocío del campo
El cielo aún está brumoso y gris

Pero ya veo manchas azules
en la gris mañana de enero
Estoy locamente enamorado de todo lo que vive
Y por eso hay pocas preocupaciones
Y los pájaros despiertan,
los valientes invernantes
Y quiero ir a saludarlos,
ya tengo un pie en la bota

Hermoso planeta,
no necesito a tu dios humano
Con una mirada a mi alrededor es completamente innecesario
Una vulgar personificación
de toda la belleza terrenal
No lo veo adecuado,
la vida es demasiado extraordinaria

En los bosques, en los campos
los animales saludan el nuevo día
Incluso el Cazador con su escopeta
sale con una risa sombría
¿Podrá matar otro zorro más?
tal vez aparezca de nuevo en el periódico
Y ¿dónde está el periodista que escribe:
Echen a esta escoria

Y donde se invoca tu nombre,
se encuentran los cobardes
Que con tu nombre en los labios
muestran cadáveres de animales a sus amigos
Y las iglesias se llenan
de murmullos y alabanzas los domingos
De los admiradores enfermizos
que se deleitan con tal triste caso

La búsqueda del silencio,
cuando lo encuentras tienes miedo
Porque la voz de tu interior,
ha estado callada por tanto tiempo
La radio habla por ti
y la televisión observa
Y tú esperas tu más allá,
mientras te quejas de los precios

Escrita por: