À L'ombre Des Maris
Les dragons de vertu n'en prennent pas ombrage
Si j'avais eu l'honneur de commander à bord
A bord du Titanic quand il a fait naufrage
J'aurais crié: Les femmes adultères d'abord!
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Car, pour combler les vœux, calmer la fièvre ardente
Du pauvre solitaire et qui n'est pas de bois
Nulle n'est comparable à l'épouse inconstante
Femmes de chefs de gare, c'est vous la fleur des bois
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Quant à vous, messeigneurs, aimez à votre guise
En ce qui me concerne, ayant un jour compris
Qu'une femme adultère est plus qu'une autre exquise
Je cherche mon bonheur à l'ombre des maris
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
A l'ombre des maris mais, cela va sans dire
Pas n'importe lesquels, je les trie, les choisis
Si madame Dupont, d'aventure, m'attire
Il faut que, par surcroît, Dupont me plaise aussi!
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Il convient que le bougre ait une bonne poire
Sinon, me ravisant, je détale à grands pas
Car je suis difficile et me refuse à boire
Dans le verre d'un monsieur qui ne me revient pas
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Ils sont loin mes débuts où, manquant de pratique
Sur des femmes de flics je mis mon dévolu
Je n'étais pas encore ouvert à l'esthétique
Cette faute de goût je ne la commets plus
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Oui, je suis tatillon, pointilleux, mais j'estime
Que le mari doit être un gentleman complet
Car on finit tous deux par devenir intimes
A force, à force de se passer le relais
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Mais si l'on tombe, hélas! Sur des maris infâmes
Certains sont si courtois, si bons si chaleureux
Que, même après avoir cessé d'aimer leur femme
On fait encore semblant uniquement pour eux
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
C'est mon cas ces temps-ci, je suis triste, malade
Quand je dois faire honneur à certaine pécore
Mais, son mari et moi, c'est Oreste et Pylade
Et, pour garder l'ami, je la cajole encore
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Non contente de me déplaire, elle me trompe
Et les jours où, furieux, voulant tout mettre à bas
Je crie: La coupe est pleine, il est temps que je rompe!
Le mari me supplie: Non ne me quittez pas!
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Et je reste, et, tous deux, ensemble on se flagorne
Moi, je lui dis: C'est vous mon cocu préféré
Il me réplique alors: Entre toutes mes cornes
Celles que je vous dois, mon cher, me sont sacrées
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
Je suis derrière
Et je reste et, parfois, lorsque cette pimbêche
S'attarde en compagnie de son nouvel amant
Que la nurse est sortie, le mari à la pêche
C'est moi, pauvre de moi! Qui garde les enfants
Ne jetez pas la pierre à la femme adultère
In de schaduw van de echtgenoten
De draken van deugd nemen het niet kwalijk
Als ik de eer had gehad om te commanderen aan boord
Aan boord van de Titanic toen hij verging
Zou ik geroepen hebben: Eerst de overspelige vrouwen!
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Want om de wensen te vervullen, de brandende koorts te stillen
Van de arme eenzame, die niet van hout is
Geen enkele is te vergelijken met de ontrouwe echtgenote
Vrouwen van stationschefs, jullie zijn de bloemen van het bos
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Wat jullie betreft, heren, hou van wat je wilt
Wat mij betreft, heb ik op een dag begrepen
Dat een overspelige vrouw meer is dan een andere exquisite
Zoek ik mijn geluk in de schaduw van de echtgenoten
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
In de schaduw van de echtgenoten, maar dat spreekt voor zich
Niet zomaar welke, ik selecteer en kies ze
Als mevrouw Dupont, toevallig, me aantrekt
Moet het ook zo zijn dat Dupont me bevalt!
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Het is goed dat de kerel een goede vent is
Anders, als ik me bedenkt, maak ik een grote sprongetje
Want ik ben kieskeurig en weiger te drinken
Uit het glas van een man die me niet aanstaat
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Mijn beginjaren zijn ver weg, toen ik nog onervaren was
Op vrouwen van agenten had ik mijn zinnen gezet
Ik was nog niet open voor esthetiek
Deze fout van smaak maak ik niet meer
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Ja, ik ben een pietluttige, maar ik vind
Dat de echtgenoot een complete gentleman moet zijn
Want uiteindelijk worden we beiden intiem
Door steeds het stokje aan elkaar door te geven
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Maar als je helaas op schandelijke echtgenoten stuit
Sommigen zijn zo beleefd, zo goed en zo warm
Dat, zelfs nadat ze gestopt zijn met van hun vrouw te houden
We nog steeds doen alsof, alleen voor hen
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Dit is mijn geval de laatste tijd, ik ben verdrietig, ziek
Wanneer ik eer moet bewijzen aan een bepaalde trut
Maar, haar man en ik, dat zijn Oreste en Pylade
En om de vriend te behouden, vertroetel ik haar nog steeds
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
Niet tevreden met me te kwetsen, bedriegt ze me
En op de dagen dat ik, woedend, alles wil afbreken
Roep ik: De maat is vol, het is tijd om te breken!
De man smeekt me: Nee, verlaat me niet!
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
En ik blijf, en, samen, vleien we elkaar
Ik zeg tegen hem: U bent mijn favoriete hoer
Hij antwoordt dan: Tussen al mijn hoorns
Zijn die welke ik u verschuldigd ben, mijn beste, heilig
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw
Ik sta achter haar
En ik blijf, en soms, wanneer deze trut
Verblijft in het gezelschap van haar nieuwe minnaar
Dat de oppas weg is, de man aan het vissen
Ben ik het, arme ik! Die de kinderen op moet passen
Gooi geen stenen naar de overspelige vrouw