395px

Sneeuwwitje

Brigitte Fontaine

Blanche Neige

J’habite le vent, mon corps est une flamme
Je montre les dents aux fleurs et aux gendarmes
Le Soleil me suit, je ne connais pas dieu
Le monde est mon lit, le vent souffle où je veux
Comme une chimère, comme un animal saoul
Ma moto par terre tremble entre mes genoux

Toi Blanche-Neige pauvre colombe
Avec ta douce figure
Toi Blanche-Neige, grosse colombe
Retourne à tes confitures

Bottée de cuir noir je suis la femme feu
La femme jaguar au cou cérémonieux
Mes doigts sont autant de seringues mobiles
Mes bras des serpents, de longs serpents fragiles
Mes reins sont en fer et mon ventre en satin
Mes cuisses dans l’air jouent comme des dauphins

Toi Blanche-Neige, jeune rombière
Avec ta bouche vermeille
Toi Blanche-Neige, jolie mémère
Va faire tes tartes aux groseilles

J’aime quelque fois les minets pâles et chauds
Qui fondent sur moi comme l’aigle sur l’agneau
J’aime les brutaux au large cou cuivré
Qui gardent un chapeau pour me déboussoler
Quand c’est terminé ils gisent comme des vieux
Un peu disloqués, des lacs bleus sous les yeux

Toi Blanche-Neige, blanche mignonne
Sensuelle comme une momie
Toi Blanche-Neige, tendre bobonne
Va donc moucher ton mari

Sneeuwwitje

Ik woon in de wind, mijn lichaam is een vlam
Ik laat mijn tanden zien aan bloemen en aan agenten
De zon volgt me, ik ken geen god
De wereld is mijn bed, de wind waait waar ik wil
Als een chimera, als een dronken dier
Mijn motor trilt op de grond tussen mijn knieën

Jij Sneeuwwitje, arme duif
Met je zachte gezicht
Jij Sneeuwwitje, dikke duif
Ga terug naar je jam

In leren laarzen ben ik de vuvrouwe
De jaguarvrouw met een plechtige nek
Mijn vingers zijn als mobiele spuiten
Mijn armen zijn slangen, lange fragiele slangen
Mijn nieren zijn van ijzer en mijn buik van satijn
Mijn dijen spelen in de lucht als dolfijnen

Jij Sneeuwwitje, jonge rommelkont
Met je karmijnrode mond
Jij Sneeuwwitje, mooie oma
Ga je taarten met bessen maken

Soms hou ik van bleke en warme schatjes
Die op me neerdalen als de adelaar op het lam
Ik hou van de brutalen met een brede koperen nek
Die een hoed dragen om me van mijn stuk te brengen
Als het voorbij is liggen ze als oude mannen
Een beetje uit elkaar, blauwe meren onder hun ogen

Jij Sneeuwwitje, witte schat
Sensueel als een mummie
Jij Sneeuwwitje, lieve schat
Ga je man maar eens snuiten

Escrita por: Brigitte Fontaine, Oliver Bloch Lainé