Elegia
Deixa que minha mão errante adentre
Atrás, na frente, em cima, em baixo, entre
Minha América, minha terra à vista
Reino de paz se um homem só a conquista
Minha mina preciosa, meu império
Feliz de quem penetre o teu mistério
Liberto-me ficando teu escravo
Onde cai minha mão, meu selo gravo
Nudez total: Todo prazer provém do corpo
(Como a alma sem corpo) sem vestes
Como encadernação vistosa
Feita para iletrados, a mulher se enfeita
Mas ela é um livro místico e somente
A alguns a que tal graça se consente
É dado lê-la!
Eu sou um que sabe!
Elegie
Laat mijn zwervende hand binnentreden
Achter, voor, boven, onder, ertussen
Mijn Amerika, mijn land in zicht
Rijk van vrede als één man het verlicht
Mijn kostbare schat, mijn rijk
Gelukkig is wie jouw mysterie bereikt
Ik bevrijd me door jouw slaaf te zijn
Waar mijn hand valt, laat ik mijn teken zijn
Volledige naaktheid: Alle vreugde komt van het lichaam
(Zoals de ziel zonder lichaam) zonder kleren
Als een opvallende band
Gemaakt voor analfabeten, siert de vrouw zich grandioos
Maar zij is een mystiek boek en alleen
Voor enkelen die zo'n genade mogen verstaan
Is het gegeven om haar te lezen!
Ik ben er één die het weet!
Escrita por: Augusto DeCampos / Péricles Cavalcanti