395px

En jaloezie

Danza invisible

En celos

(Tonterías que padece el cuerpo humano, los celos son tonterías
eso lo dijo un profano que no sabía de la vida y los celos lo mataron)

Te estoy queriendo sin freno
entregado a la aventura
de quererte cada día
sin llegar a la locura.
Y en mi casa todavía,
en la calle La Amargura
no entra luz ni entra alegría,
si tú no estás está oscura.

En celo estoy desde tu primer beso,
por celos soy Dios mío preso.
Nadie toque tu piel de terciopelo,
sabe el cielo lo que siento
cuando siento celos, celos.

No me puedo callar lo que te quiero
si mi cuerpo lo grita a todas horas
Y sé que se me pierde el pensamiento
cuando pienso ¿dónde estarás ahora?

En celo estoy desde tu primer beso,
por celos soy Dios mío preso.
Nadie toque tu piel de terciopelo,
sabe el cielo lo que siento
cuando siento celos.

En celo por tu piel,
en celo por tu pelo
El cielo sabe que muero de celos
por tu piel y por tu pelo.

En celo estoy,
por celo soy Dios mío un preso.
Te estoy queriendo sin freno
entregado a la aventura
de quererte cada día
sin llegar a la locura

Y sé que se me pierde el pensamiento
cuando pienso ¿dónde estarás ahora?

En jaloezie

(Onzin die het menselijk lichaam teistert, jaloezie is onzin
dat zei een profaan die niets wist van het leven en jaloezie heeft hem gedood)

Ik hou van je zonder rem
overgegeven aan het avontuur
je elke dag willen
zonder gek te worden.
En in mijn huis nog steeds,
in de straat De Verdrietigheid
komt er geen licht en geen vreugde binnen,
als jij er niet bent is het donker.

In jaloezie ben ik sinds je eerste kus,
door jaloezie ben ik, mijn God, gevangen.
Niemand mag je fluweelzachte huid aanraken,
de hemel weet wat ik voel
als ik jaloezie voel, jaloezie.

Ik kan niet zwijgen over hoeveel ik van je hou
als mijn lichaam het elke seconde schreeuwt
En ik weet dat ik mijn gedachten verlies
als ik denk: waar ben je nu?

In jaloezie ben ik sinds je eerste kus,
door jaloezie ben ik, mijn God, gevangen.
Niemand mag je fluweelzachte huid aanraken,
de hemel weet wat ik voel
als ik jaloezie voel.

In jaloezie om je huid,
in jaloezie om je haar
De hemel weet dat ik sterf van jaloezie
om je huid en om je haar.

In jaloezie ben ik,
door jaloezie ben ik, mijn God, een gevangene.
Ik hou van je zonder rem
overgegeven aan het avontuur
je elke dag willen
zonder gek te worden.

En ik weet dat ik mijn gedachten verlies
als ik denk: waar ben je nu?