395px

Balada Infantil

dEUS

Kinderballade

Hij was twaalf, had rappe leden
Een jongen uit de hof van Eden
Als hij lachte, lachten luidkeels alle leeuweriken mee
Met zijn blikken ring van tanden met zijn marmerbleke handen
Leek hij op een tere engel uit een sierlijk bal masquee
Hij kon klaterhelder zingen en z'n haar rook naar seringen
Oh hij was een waterprins die in z'n pak van goud lamee
Was ontstegen aan de zee

Zij was dertien, een gazelle
En haar naam was Annabelle
Annabelle noemde haar zowel de hinde als 't ree
Met haar helderrode wangen en haar glinsterende spangen
Leek zij in haar gazen bruidsjurk 't meest nog op een toverfee
Blauw waren haar vreemde ogen, blauw maar zonder mededogen
Oh ze was een kleine meermin die maar net van lieverlee
Was ontstegen aan de zee

Samen in het ochtendgloren
Wandelden ze langs het koren
Wild en zonder ze te storen
Scheen het zonlicht naar benee
En onder de roze stralen
Kusten hij haar lippen dralend
En hij zei haar wonderwoordjes
Zelfs het gras luisterde mee
Op het horen van die woorden
Week voor hen gedwee het koren
En het lispelde "wees welkom en kom maar hier jullie twee"
Zoals eens de rode zee

Toen hij op geblaf van honden
Dagen later werd gevonden
Lag de blanke prins geschonden
In het koren zonder fee
Met z'n dode grote ogen
Keek hij roerloos naar omhoog
En langzaam ritselde zijn bloed uit een gruwelijke snee

Niemand wist meer te vertellen
Hoe zeer kleine Annabelle
Had gehouden van haar engel uit het sierlijk bal masquee
Maar nog altijd ruist de zee

Balada Infantil

Él tenía doce años, con miembros ágiles
Un chico del jardín del Edén
Cuando reía, todos los mirlos reían a carcajadas
Con su anillo de miradas de dientes y sus manos de mármol pálido
Parecía un delicado ángel de un elegante baile de máscaras
Podía cantar cristalino y su cabello olía a seringas
Oh, era un príncipe del agua que en su traje de oro lamee
Se había elevado del mar

Ella tenía trece, una gacela
Y su nombre era Annabelle
Annabelle la llamaban tanto la cierva como el corzo
Con sus mejillas rojas brillantes y sus broches relucientes
Parecía en su vestido de novia de gasa más como un hada
Sus extraños ojos eran azules, azules pero sin piedad
Oh, era una pequeña sirena que poco a poco
Se había elevado del mar

Juntos en el amanecer
Caminaban por el trigo
Salvaje y sin molestar
La luz del sol brillaba hacia abajo
Y bajo los rayos rosados
Él besaba sus labios vacilantes
Y le decía palabras maravillosas
Incluso la hierba escuchaba
Al escuchar esas palabras
El trigo cedía dócilmente ante ellos
Y susurraba 'bienvenidos y acérquense ustedes dos'
Como una vez el mar Rojo

Cuando, al sonido de los ladridos de los perros
Días después lo encontraron
El príncipe blanco yacía malherido
En el trigo sin hada
Con sus grandes ojos muertos
Miraba fijamente hacia arriba
Y lentamente su sangre goteaba de una horrible herida

Nadie podía recordar
Cuánto amaba la pequeña Annabelle
A su ángel del elegante baile de máscaras
Pero aún así el mar sigue susurrando

Escrita por: