Un dur, un vrai, un tatoué
Je ne porte pas de perlouses
Je ne suis pas un nervi
Je trouve que ça fait tartouze
Et c'est pourquoi moi je vous le dis :
J'ai l'air de ne pas avoir l'air
Mais avec mon air, je fais la pige à Bébert !
{Refrain:}
Je suis un dur, un vrai, un tatoué !
Je fais pas des magnes, qu'est-ce qu'on y gagne ?
Pour les tournants moi faut pas me les jouer
J'ai risqué le bagne, faut l'avouer
J'ai bouffé du cannibale
J'ai même digéré des balles
Il en faut pour que je m'emballe
Je sais discuter
Car des bataillons d'Afrique
Je porte la marque de fabrique
Et voilà tout le portrait
D'un tatoué, d'un dur, d'un vrai !
Quand je joue à la belote
Au petit bistrot du coin
Faut pas m'en mettre plein les bottes
Car aussitôt je fais du foin :
"De quoi ? y a pas de pourquoi !"
Les gens restent cois
Alors je dis narquois :
{Au refrain}
Een stoere, een echte, een getatoeëerde
Ik draag geen parels
Ik ben geen kneus
Ik vind dat het er belachelijk uitziet
En daarom zeg ik het je:
Ik lijk misschien niet zo,
Maar met mijn uitstraling maak ik Bébert jaloers!
{Refrein:}
Ik ben een stoere, een echte, een getatoeëerde!
Ik maak geen flauwekul, wat levert het op?
Voor de bochten moet je niet met me sollen
Ik heb de gevangenis risicoloos genomen, dat moet je toegeven.
Ik heb cannibalen gegeten
Ik heb zelfs kogels verteerd
Je hebt wat nodig om me op te winden
Ik weet hoe ik moet discussiëren
Want van de Afrikaanse bataljons
Draag ik het merkteken
En dat is het hele portret
Van een getatoeëerde, een stoere, een echte!
Als ik belote speel
In het kleine café om de hoek
Moet je me niet volstoppen
Want meteen maak ik ruzie:
"Waarover? Geen waarom!"
De mensen blijven stil
Dus zeg ik spottend:
{Herhaal refrein}