Addio
Nell'anno '99 di nostra vita
io, Francesco Guccini, eterno studente
perché la materia di studio sarebbe infinita
e soprattutto perché so di non sapere niente,
io, chierico vagante, bandito di strada,
io, non artista, solo piccolo baccelliere,
perché, per colpa d'altri, vada come vada,
a volte mi vergogno di fare il mio mestiere,
io dico addio a tutte le vostre cazzate infinite,
riflettori e paillettes delle televisioni,
alle urla scomposte di politicanti professionisti,
a quelle vostre glorie vuote da coglioni...
E dico addio al mondo inventato del villaggio globale,
alle diete per mantenersi in forma smagliante
a chi parla sempre di un futuro trionfale
e ad ogni impresa di questo secolo trionfante,
alle magie di moda delle religioni orientali
che da noi nascondono soltanto vuoti di pensiero,
ai personaggi cicaleggianti dei talk-show
che squittiscono ad ogni ora un nuovo "vero"
alle futilità pettegole sui calciatori miliardari,
alle loro modelle senza umanità
alle sempiterne belle in gara sui calendari,
a chi dimentica o ignora l'umiltà...
Io, figlio d'una casalinga e di un impiegato,
cresciuto fra i saggi ignoranti di montagna
che sapevano Dante a memoria e improvvisavano di poesia,
io, tirato su a castagne ed ad erba spagna,
io, sempre un momento fa campagnolo inurbato,
due soldi d'elementari ed uno d'università,
ma sempre il pensiero a quel paese mai scordato
dove ritrovo anche oggi quattro soldi di civiltà...
Io dico addio a chi si nasconde con protervia dietro a un dito,
a chi non sceglie, non prende parte, non si sbilancia
o sceglie a caso per i tiramenti del momento
curando però sempre di riempirsi la pancia
e dico addio alle commedie tragiche dei sepolcri imbiancati,
ai ceroni ed ai parrucchini per signore,
alle lampade e tinture degli eterni non invecchiati,
al mondo fatto di ruffiani e di puttane a ore,
a chi si dichiara di sinistra e democratico
però è amico di tutti perché non si sa mai,
e poi anche chi è di destra ha i suoi pregi e gli è simpatico
ed è anche fondamentalista per evitare guai
a questo orizzonte di affaristi e d'imbroglioni
fatto di nebbia, pieno di sembrare,
ricolmo di nani, ballerine e canzoni,
di lotterie, l'unica fede il cui sperare...
Nell'anno '99 di nostra vita
io, giullare da niente, ma indignato,
anch'io qui canto con parola sfinita,
con un ruggito che diventa belato,
ma a te dedico queste parole da poco
che sottendono solo un vizio antico
sperando però che tu non le prenda come un gioco,
tu, ipocrita uditore, mio simile...
mio amico...
Vaarwel
In het jaar '99 van ons leven
ik, Francesco Guccini, eeuwige student
want het studieonderwerp zou eindeloos zijn
en vooral omdat ik weet dat ik niets weet,
ik, zwervende geest, straatverbannen,
ik, geen artiest, slechts een kleine baccalare,
want, door de schuld van anderen, wat er ook gebeurt,
vergeet ik soms mijn vak met schaamte,
ik zeg vaarwel tegen al jullie eindeloze onzin,
schijnwerpers en pailletten van de televisie,
tegen de ongecontroleerde schreeuwen van professionele politici,
tegen die lege glorie van idioten...
En ik zeg vaarwel tegen de verzonnen wereld van het werelddorp,
tegen diëten om in topvorm te blijven
tegen wie altijd praat over een triomfantelijke toekomst
en elke onderneming van deze triomfantelijke eeuw,
tegen de modewonderen van oosterse religies
waarbij ze bij ons alleen maar lege gedachten verbergen,
tegen de kletskousen van de talkshows
die elk uur een nieuwe 'waarheid' kwetteren
tegen de nutteloze roddels over miljardair voetballers,
tegen hun modellen zonder menselijkheid
tegen de eeuwige schoonheden die strijden op kalenders,
tegen wie de nederigheid vergeet of negeert...
Ik, de zoon van een huisvrouw en een ambtenaar,
groei op tussen de onwetende wijzen van de bergen
zij die Dante uit hun hoofd kenden en poëzie improviseerden,
ik, opgevoed met kastanjes en Spaanse kruiden,
ik, altijd net een moment geleden een plattelandsjongen,
met twee centen van de basisschool en één van de universiteit,
maar altijd met de gedachten bij dat land dat ik nooit vergeet
waar ik ook vandaag weer een paar centen van beschaving vind...
Ik zeg vaarwel tegen wie zich met arrogantie achter een vinger verbergt,
tegen wie niet kiest, niet meedoet, zich niet uitspreekt
of willekeurig kiest voor de impulsen van het moment
maar altijd zorgt om zijn buik te vullen
en ik zeg vaarwel tegen de tragikomische komedies van de witgepleisterde graven,
tegen de make-up en de pruiken voor dames,
tegen de lampen en kleuringen van de eeuwige niet-verouderen,
tegen de wereld vol schuinsmarcheerders en hoeren voor een uur,
tegen wie zich links en democratisch verklaart
maar toch bevriend is met iedereen omdat je het nooit weet,
en ook wie rechts is heeft zijn kwaliteiten en is sympathiek
en is ook fundamentalist om problemen te vermijden
tegen deze horizon van zakenlui en oplichters
vol mist, vol schijn,
vol met dwergen, ballerina's en liedjes,
vrijlotingen, het enige geloof waar je op kunt hopen...
In het jaar '99 van ons leven
ik, een nietswaardige nar, maar verontwaardigd,
ook ik zing hier met uitgeputte woorden,
met een brul die verandert in een geblaat,
maar aan jou wijd ik deze woorden van weinig waarde
die slechts een oude ondeugd verbergen
hopend echter dat je ze niet als een spel beschouwt,
jij, hypocriete luisteraar, mijn gelijke...
mijn vriend...
Escrita por: Francesco Guccini