Dieren
Neem me in jouw wrede armen
Neem me in jouw weke mond
Gebruik je nappen als een inktvis
Je tentakels gaan in het rond
Zwelg als een varken in de modder
Zweet als een otter in de sloot
Weet dat deze nacht weer eindigt
Zoals altijd in de goot
Want van de dieren komen wij
En dieren zullen we zijn
In dat ondeelbaar moment
Van zinderende gelukzalige extatische eenzaamheid
Neem me hulpeloos gevangen
In jouw klamme spinneweb
Als een vlieg zal ik daar blijven hangen
Totdat jij er genoeg van hebt
Voer me jouw kikkerdril
Voer me jouw heerlijkheid
En ik zal doorgaan zolang je wilt
Op het ritme van de eeuwigheid
Want van de dieren komen wij
En dieren zullen we zijn
In dat ondeelbaar moment
Van zinderende extatische eenzaamheid
Verslonden door elkaar
Door het slijk glijdt de aal
En alle dieren komen bij elkaar
Op het laatste avondmaal
Kom maar, kom maar, dit is het einde
Wuif als een zeeanemoon
Zo mooi, zo mooi, zal het blijven
Opeens heb ik de mensheid door
Want van de dieren komen wij
En dieren zullen we zijn
In dat ondeelbaar moment
Van zinderende gelukzalige extatische eenzaamheid
Bestias
Llévame en tus crueles brazos
Llévame en tu suave boca
Usa tus tentáculos como un pulpo
Tus tentáculos se mueven por todas partes
Disfruta como un cerdo en el barro
Suda como una nutria en el arroyo
Sabe que esta noche terminará de nuevo
Como siempre en la alcantarilla
Porque de las bestias venimos
Y bestias seremos
En ese momento indivisible
De extática y dichosa soledad
Tómame indefenso
En tu húmeda telaraña
Como una mosca, allí me quedaré colgando
Hasta que te canses
Aliméntame con tu renacuajo
Aliméntame con tu delicia
Y seguiré mientras quieras
Al ritmo de la eternidad
Porque de las bestias venimos
Y bestias seremos
En ese momento indivisible
De extática soledad
Devorados mutuamente
Por el lodo se desliza la anguila
Y todas las bestias se reúnen
En la última cena
Ven, ven, este es el final
Agita como una anémona de mar
Tan hermoso, tan hermoso, así seguirá
De repente entiendo a la humanidad
Porque de las bestias venimos
Y bestias seremos
En ese momento indivisible
De extática y dichosa soledad