Le temps du tempo
D'abord il y avait le silence
Puis la caresse de deux branches
Alors le cœur d'un coquillage
Se mit à battre sur la plage
Ainsi est né il y a 100 000 ans le temps
Le temps, le temps, le temps du tempo
Alors la vague qui se balance
Se mit à frapper en cadence
Et les oiseaux qui étaient muets
Un à un se mirent à chanter
Ainsi est né dans les violons du vent le temps
Le temps, le temps, le temps du tempo
Petit à petit il grandit
Joue à cloche-pied sur les îles
Traverse de lointains pays
Arrive en vue des grandes villes
Il traverse les rues à grands coups de klaxon
Il éclate de rire sous le soleil des plages
Il secoue les fenêtres, fait trembler les maisons
Et rend folle pour la vie la fille la plus sage
De tijd van het tempo
Eerst was er de stilte
Toen de streling van twee takken
Toen begon het hart van een schelp
Te kloppen op het strand
Zo is 100.000 jaar geleden de tijd geboren
De tijd, de tijd, de tijd van het tempo
Toen begon de golf die wiegt
Te slaan in een ritme
En de vogels die stil waren
Eén voor één begonnen te zingen
Zo is de tijd geboren in de violen van de wind
De tijd, de tijd, de tijd van het tempo
Langzaam maar zeker groeit hij
Speelt op één been op de eilanden
Doorkruist verre landen
Komt in zicht van de grote steden
Hij doorkruist de straten met luide toeters
Hij barst in lachen uit onder de zon van de stranden
Hij schudt de ramen, laat de huizen trillen
En maakt de meest wijze meid voor het leven gek