395px

Morgen Heb Je Niet Veel Nodig

G&G Sindikatas

Rytojui Reikia Nedaug

(su Daiva)

(Daiva)
Rytojui reikia nedaug
Tik truputá ðirdies
Truputá jëgos, truputá ugnies
Ið tavæs ir manæs
Ir tada jisai taps

(Pushaz)
Viskas turi savo vietà
Kaip sakoma turi bût vienàkart padëta
Gali buti
Bet deja ne viskas yra taip kaip turëtø bûti
Kartais slysti ir labirinte pasiklysti.
Kaþkada maniau kad teisybës nëra
Aplinkui tik tuðtuma
Betgi þmonës kas sau ir tiek
Jokios harmonijos
Vieni kiti save vis tiek
Pamaèiau kità medalio pusæ
Kaip Svaras sako, dalinkimës per pusæ
Bus lengviau pereiti ugná tà per kurià einam visi
Tik ji dega skirtingai
Vienam arti, kitam toli
Nesvarbu ji gi svarbi kiekvienam savaip
Tau vienaip man kitaip
Neteisybës daug sutinku
Tai supa visada kur bebûtum bet kada
Tarsi ðëðëlis slenka paskui tave
Tu bandyk uþsimerkti
Savo siela atmerkti
Paþiûrëk á saulæ ji dega danguje
Bet ðëðëlis iðnykës, jis iðgaravo ið èia

(Daiva)
Rytojui reikia nedaug
Tik truputá ðirdies
Truputá jëgos, truputá ugnies
Ið tavæs ir manæs
Ir tada jisai taps

(Svaras)
Truputá labiau geras truputá maþiau blogas
Aukðèiau lubos maþiau skylëtas stogas
Truputá maþiau prieðas truputá daugiau brolis
Truputá labiau kilæ maþiau puolæ
Truputá daugiau jausmo truputá maþiau skausmo
Baimë atsitraukia ir nebe taip kausto
Truputá maþiau gëda truputá maþiau ëda
Tuos kurie tiki todël iðlieka, nepabëga

Að juos maèiau…
…nepabëga
Buna sunku taèiau…
…nepabëga
Taip jie dega greièiau taèiau…
…nepabëga
Nepabëga

(Kastetas)
Vakare man bûna liûdna
Kada tyla sprogdina ausis
Tamsa uþspaudþia akis
Uþtuðuoti langai
Akvarele nuspalvoti jausmai
Priklijuotos ðypsenos
Ant stiklo lûpø daþais
Uþraðyti þodþiai i virðø pakyla
Prisipildo, iðsipuèia þemyn
Krisdami prispaudþia
Atsitrenkdami á tylà
Smulkiai kaip stiklas
Á maþus gabalëlius subyra
Að juos renku
Kaip mozaikà dëlioju
Vakarinis nuotykis man atneða rytiná liûdesá
Tam paèiam mieste be pavadinimø
Gatvëse be þmoniø
O jeigu ir yra neturi veidø
Vardø neatsimenu
Sasiuviny neuþsiraðiau, nebuvo prieþasèiø
Raudona linija þibintais paþymetø miesto pakraðèiø
Ramu, jokio garso
Vis dar spengia ausyse, tylu

(Daiva)
Rytojui reikia nedaug
Tik truputá ðirdies
Truputá jëgos, truputá ugnies
Ið tavæs ir manæs
Ir tada jisai taps

(Svaras)
Dienos keièia dienas lyg pianino klaviðai
Baltuosius karts nuo karto perkerta juodø klaviðø niðos
Jos pinasi ir riðas
Nebodamos ið naujo bando
Ðiandiena tau atrieks sëkmës
O man iðplëð ant þando randà
Kiekviena krantà, kiekviena kartà
Neatkartojamø peizaþø aplinkybës varto
Mes mokam bûti vyrais
O bûna tampam klounais
Kai nulinèiuojame savus ir tikim daunais
Tada galvojam kad sëkmë pamiðusi
O gal sumiðusi
O gal ant visko braukus, uþsimirðusi
Tokiem kaip tu galvoji
Jai paprasèiausiai neuþtenka laiko
Pasaulis vis geriau ðaudo
Vis blogiau skaito
Niekðe, neliesk vaiko
Ir to kuris kas diena tam vaikui duona raiko
Kad spindulys vilties
Nors truputeli ðviestø
Jie jau surinko akmenis neliesk jø
Ir ðitos gatvës taps
Nebe tokios purvinos
Kai norintys kalbëti
Pradës kalbëti burna
Kai átikes
Yra daugiau nei iki ðiolei rado
Tik ðvino pûkà, sunkø vandená
Ir kartø medø…

(Daiva)
Rytojui reikia nedaug
Tik truputá ðirdies
Truputá jëgos, truputá ugnies
Ið tavæs ir manæs
Ir tada jisai taps

Morgen Heb Je Niet Veel Nodig

(met Daiva)

(Daiva)
Morgen heb je niet veel nodig
Slechts een beetje hart
Een beetje kracht, een beetje vuur
Van jou en van mij
En dan zal het zijn

(Pushaz)
Alles heeft zijn plek
Zoals men zegt, het moet één keer goed zijn
Het kan zijn
Maar helaas, niet alles is zoals het zou moeten zijn
Soms glijd je weg en raak je verdwaald in een labyrint.
Vroeger dacht ik dat er geen waarheid was
Alleen maar leegte om me heen
Maar mensen zijn voor zichzelf en dat is het
Geen harmonie
Iedereen is toch voor zichzelf
Ik zag de andere kant van de medaille
Zoals Svaras zegt, laten we het in tweeën delen
Het zal makkelijker zijn om het vuur te doorstaan waar we allemaal doorheen gaan
Maar het brandt anders
Voor de één dichtbij, voor de ander ver weg
Het maakt niet uit, het is belangrijk voor iedereen op zijn eigen manier
Jij op jouw manier, ik op de mijne
Ik kom veel onrecht tegen
Het omringt je altijd, waar je ook bent, wanneer dan ook
Alsof een schaduw achter je aan sluipt
Probeer je ogen te sluiten
Je ziel te openen
Kijk naar de zon, hij brandt aan de hemel
Maar de schaduw is verdwenen, hij is hier niet meer

(Daiva)
Morgen heb je niet veel nodig
Slechts een beetje hart
Een beetje kracht, een beetje vuur
Van jou en van mij
En dan zal het zijn

(Svaras)
Een beetje beter, een beetje minder slecht
Hogere plafonds, minder gaten in het dak
Een beetje minder vijand, een beetje meer broeder
Een beetje meer verheven, een beetje minder gevallen
Een beetje meer gevoel, een beetje minder pijn
Angst trekt zich terug en houdt je niet meer zo vast
Een beetje minder schaamte, een beetje minder geklaag
Diegenen die geloven blijven, ze vluchten niet

Ik heb ze gezien...
...ze vluchten niet
Het is soms moeilijk, maar...
...ze vluchten niet
Ja, ze branden sneller, maar...
...ze vluchten niet
Ze vluchten niet

(Kastetas)
's Avonds voel ik me verdrietig
Wanneer de stilte mijn oren opblaast
De duisternis drukt op mijn ogen
Lege ramen
Aquarel gekleurde gevoelens
Plak glimlachen
Op het glas van lippen met verf
Opgeschreven woorden stijgen op
Vullen zich, spatten naar beneden
Als ze vallen drukken ze
Tegen de stilte
Fijn als glas
Verbrokkelen in kleine stukjes
Ik verzamel ze
Als een mozaïek leg ik ze neer
Een avondavontuur brengt me ochtendverdriet
In dezelfde stad zonder namen
Straten zonder mensen
En als er al zijn, hebben ze geen gezichten
Namen herinner ik me niet
Ik schreef het niet op in mijn notitieboek, er waren geen redenen
De rode lijn gemarkeerd met lichten aan de rand van de stad
Rustig, geen geluid
Het suist nog steeds in mijn oren, stil

(Daiva)
Morgen heb je niet veel nodig
Slechts een beetje hart
Een beetje kracht, een beetje vuur
Van jou en van mij
En dan zal het zijn

(Svaras)
Dagen veranderen dagen als pianotoetsen
De witte toetsen worden af en toe doorkruist door de zwarte toetsen
Ze verstrengelen en knopen zich
Zonder te stoppen proberen ze opnieuw
Vandaag zal je geluk brengen
En ik krijg een litteken op mijn hand
Elke oever, elke keer
De omstandigheden van onherhaalbare landschappen draaien
We weten hoe we mannen moeten zijn
En soms worden we clowns
Wanneer we onze eigen dingen resetten en alleen maar hopen op domme dingen
Dan denken we dat geluk in de war is
Of misschien verward
Of misschien, terwijl alles aan het afnemen is, vergeten
Voor mensen zoals jij denk je
Als het gewoon niet genoeg tijd heeft
De wereld schiet steeds beter
Steeds slechter lezen
Raak het kind niet aan
En degene die elke dag dat kind brood geeft
Zodat een straal van hoop
Ook al is het maar een beetje schijnt
Ze hebben al stenen verzameld, raak ze niet aan
En deze straten zullen
Niet meer zo vuil zijn
Wanneer degenen die willen praten
Beginnen te praten met hun mond
Wanneer ze aankomen
Is er meer dan tot nu toe gevonden
Slechts een beetje rook, zwaar water
En soms hout...

(Daiva)
Morgen heb je niet veel nodig
Slechts een beetje hart
Een beetje kracht, een beetje vuur
Van jou en van mij
En dan zal het zijn

Escrita por: