La carte du tendre
Le long du fleuve qui remonte
Par les rives de la rencontre
Aux sources d'émerveillement
On voit dans le jour qui se lève
S'ouvrir tout un pays de rêve
Le tendre pays des amants
On part avec le cœur qui tremble
Du bonheur de partir ensemble
Sans savoir ce qui nous attend
Ainsi commence le voyage
Semé d'écueils et de mirages
De l'amour et de ses tourments
Quelques torrents de médisance
Viennent déchirer le silence
Essayant de tout emporter
Et puis on risque le naufrage
Lorsque le vent vous mène au large
Des îles d'infidélité
Plus loin le courant vous emporte
Vers les rochers de la discorde
Et du mal à se supporter
Enfin la terre se dénude
C'est le désert de l'habitude
L'ennui y a tout dévasté
Quand la route paraît trop longue
Il y a l'escale du mensonge
L'auberge de la jalousie
On y déjeune de rancune
Et l'on s'enivre d'amertume
L'orgueil vous y tient compagnie
Mais quand tout semble à la dérive
Le fleuve roule son eau vive
Et l'on repart à l'infini
Où l'on découvre au bord du Tendre
Le jardin où l'on peut s'étendre
La terre promise de l'oubli
De kaart van de tederheid
Langs de rivier die terugstroomt
Langs de oevers van de ontmoeting
Bij de bronnen van verwondering
Zien we in de opkomende dag
Een heel land van dromen opengaan
Het tedere land van de geliefden
We vertrekken met een trillend hart
Van het geluk om samen te gaan
Zonder te weten wat ons te wachten staat
Zo begint de reis
Vol obstakels en illusies
Van de liefde en haar kwellingen
Enkele stromen van roddel
Scheuren de stilte uiteen
Proberend alles mee te slepen
En dan riskeren we het schipbreuk
Wanneer de wind je naar open zee leidt
Naar de eilanden van ontrouw
Verderop neemt de stroom je mee
Naar de klippen van onenigheid
En het is moeilijk om elkaar te verdragen
Eindelijk ontbloot de aarde zich
Het is de woestijn van de gewoonte
De verveling heeft alles verwoest
Wanneer de weg te lang lijkt
Is er de tussenstop van de leugen
De herberg van jaloezie
We lunchen daar met wrok
En we bezatten ons met bitterheid
De trots houdt je gezelschap
Maar wanneer alles lijkt te drijven
Rol de rivier zijn levendige water
En vertrekken we weer naar het oneindige
Waar we aan de oever van de Tederheid ontdekken
De tuin waar we ons kunnen uitstrekken
Het beloofde land van de vergetelheid