395px

Vamos afuera

Gerard Cox

We gaan naar buiten

De kleinzoon van de olieman van 't pleintje zag per post
Zijn kinderbijslag netjes binnenrollen
De kleine man riep: "Poen! En mammie heeft haar rijbewijs
Op naar Scheveningen, Zandvoort of de bollen!"
En 's zondags trok de vierdehandse vollekswagen vol
Naar d'ouwe blauwe Zuiderzee, op tekst van Jacques van Tol

We gaan naar buiten, waar de vogeltjes fluiten
Waar het zonlicht straalt en waar het melkvee loeit
Waar brede rivieren traag door oneindig laagland gaan
Tussen wei en bos en hei
In 't paradijs der burgerij
Waar de vrijheid zo vrolijk bloeit

Voor Duivendrecht reeds maakte kleine Jantje groot stampij
Hij trappelde en kronkelde en kwekte
Het jochie zat rechts onder de Vapona-strip, die ma
Had meegenomen tegen de insekten
Gelukkig was ie 't kind, dat men het beste missen kon
't Schaap was al nooit om aan te zien (gevolg van Softenon)
Pa borg het stoffelijk overschot naast zijn reservewiel
En met een beetje vouwen en wat passen
Kon Sjaantje 'r ook nog bij, die in de file bij de brug
Het afgelegd had tegen de uitlaatgassen
En vrolijk zingend kruiste men de Schiphol-bulderbaan
Die Henk op twee gescheurde trommelvliesjes kwam te staan

Want je kan buiten naar de vogeltjes fluiten
Waar de luchtvloot stralend en beschermend loeit
Waar goor-grauwe wolken traag en zwanger
Boven het oneindig laagland staan
Met z'n olie-industrie
In 't paradijs van de chemie
Waar 't bedrijfsleven vlijtig bloeit

De rit naar Muiderberg liep naar omstandigheden vlot
Alleen kreeg pa nog eventjes een doodschop
Omdat ie "Zijkerd!" zei tegen een smeris, toen die ma
Bekeurde bij een sanitaire noodstop
Maar ginder naakte Muiderberg! En pa riep: "Dat is dat
Klim uit je klamme kleren voor een duik in 't frisse nat!"
Snel plonsden ma en Koba tussen scholen dooie vis
Die daar (door kwik vergiftigd) liggen drijven
Maar kwik verlamt ook mensen. En het was een raar gezicht
Zoals je daar hun tweeen zag verstijven
Ze zonken in het halve-meter-diepe zeemansgraf
Wat nog een heel gezoek, en last met de politie gaf

En alle vissen zijn zo onderhand pisse
Waar de industrie haar zegeningen sproeit
Waar brede riolen traag en geurig
Door oneindig treurig laagland gaan
Langs de wasmiddelfabriek
In 't paradijs van de techniek
Waar 't bedrijfsleven vlijtig bloeit

Met hun restanten op 't imperiaal reed pa terug
Om op de Dam een beetje bij te komen
Waar hij vergetelheid zocht in een lekker stikkie hasj
Dat echter snel werd inbeslaggenomen
Hijzelf vloog in de cel, omdat hij met die rokerij
De volksgezondheid ondermijnde. En daar zong die high

Ik zweef naar buiten, waar de engeltjes fluiten
Waar de welvaart straalt en met de rijkdom stoeit
Waar brede riolen traag door oneindig laagland gaan
't Is de stroom van dividend
Voor 't aandeelhoudersrendement
Waar 't bedrijfsleven vlijtig bloeit
En al het andere leven mooi wordt uitgeroeid

Vamos afuera

El nieto del hombre del aceite de la plaza vio por correo
Su asignación familiar llegar ordenadamente
El pequeño gritó: '¡Dinero! Y mami tiene su licencia de conducir
¡Vamos a Scheveningen, Zandvoort o a los campos de tulipanes!'
Y los domingos el viejo Volkswagen de cuarta mano se llenaba
Hacia el viejo y azul Zuiderzee, con letras de Jacques van Tol

Vamos afuera, donde los pajaritos cantan
Donde la luz del sol brilla y donde las vacas mugen
Donde los ríos anchos fluyen lentamente por tierras bajas infinitas
Entre prados y bosques y brezales
En el paraíso de la burguesía
Donde la libertad florece alegremente

Antes de Duivendrecht, el pequeño Jantje ya causaba alboroto
Pataleaba, se retorcía y parloteaba
El chico estaba sentado a la derecha bajo la tira de Vapona, que mamá
Había traído contra los insectos
Afortunadamente era el niño que menos se extrañaría
La oveja nunca fue agradable de ver (efecto del Softenon)
Papá guardó el cadáver junto a su rueda de repuesto
Y con un poco de doblez y ajuste
Sjaantje también cabía, que en el tráfico en el puente
Había sucumbido a los gases de escape
Y cantando alegremente cruzaron la pista de aterrizaje de Schiphol
Donde Henk terminó con dos tímpanos rotos

Porque puedes salir y escuchar a los pajaritos cantar
Donde la flota aérea brilla y protege
Donde las nubes grisáceas y sucias lentas y preñadas
Se elevan sobre las tierras bajas infinitas
Con su industria petrolera
En el paraíso de la química
Donde la vida empresarial florece diligentemente

El viaje a Muiderberg transcurrió sin problemas
Solo papá recibió una patada en el trasero
Porque dijo '¡Maldito!' a un policía, cuando mamá
Fue multada en una parada sanitaria
Pero allí estaba Muiderberg! Y papá gritó: '¡Eso es todo!
¡Sal de tu ropa húmeda para un chapuzón en el agua fresca!'
Rápidamente mamá y Koba se zambulleron entre cardúmenes de peces muertos
Que allí (envenenados por mercurio) flotaban
Pero el mercurio también paraliza a las personas. Y fue una vista extraña
Ver cómo se quedaban paralizados los dos
Se hundieron en la tumba marina de medio metro
Lo que causó mucha búsqueda y problemas con la policía

Y todos los peces ya están orinando
Donde la industria esparce sus bendiciones
Donde los amplios alcantarillados lentos y olorosos
Recorren las tierras bajas infinitamente tristes
Junto a la fábrica de detergentes
En el paraíso de la tecnología
Donde la vida empresarial florece diligentemente

Con sus restos en el portaequipajes, papá regresó
Para descansar un poco en la Plaza Dam
Donde buscó el olvido en un buen porro de hachís
Que rápidamente fue confiscado
Él mismo terminó en la cárcel, porque con ese humo
Estaba socavando la salud pública. Y allí cantaba, drogado

Yo floto afuera, donde los angelitos cantan
Donde la prosperidad brilla y juega con la riqueza
Donde los amplios alcantarillados fluyen lentamente por tierras bajas infinitas
Es el flujo de dividendos
Para el rendimiento de los accionistas
Donde la vida empresarial florece diligentemente
Y toda otra vida es hermosamente exterminada

Escrita por: