De tuin der lusten
De tijden veranderen sneller dan ooit
Vandaag kan al gisteren wezen
Wat morgen gebeuren gaat weet niemand ooit
Misschien valt het ergste te vrezen
De koepel van bloemen, de bol van kristal
Ze kunnen de liefde bewaren
De lijst om de wereld is griezelig smal
Kom hier en vergeet de gevaren
refr.:
Draag de bonte druiventros
Rijdend op fluwelen dieren
Waait de wind je haren los
Gezichten in bloemen, ze kijken je aan
Kom, kruip in een schelp met z'n tweeen
Er vliegen nog zwaluwen rond de vulkaan
En hoog om de roze moskeeen
Kom, spring in het water en duik in de zee
Verberg je in 't brons van de bomen
Een vogel brengt vruchten en wijn voor ons mee
Zolang we het lot nog ontkomen
refr.
Er vliegt in de hemel een vogel voorbij
Ga mee op zijn rug naar het zuiden
En wuif met een palmtak de wolken opzij
Zodat je de klokken hoort luiden
Nu plukken we samen nog bloemen in 't gras
En leven als goden in vrede
Maar ginder al strooien skeletten met as
En wonen in brandende steden
refr.(3x)
Draag de
El jardín de los placeres
Los tiempos cambian más rápido que nunca
Hoy puede ser ayer
Lo que sucederá mañana nadie lo sabe
Quizás lo peor está por temer
La cúpula de flores, la esfera de cristal
Pueden preservar el amor
El marco alrededor del mundo es espeluznantemente estrecho
Ven aquí y olvida los peligros
Estribillo:
Lleva el racimo de uvas colorido
Montando en animales de terciopelo
El viento despeina tu cabello
Rostros en las flores, te miran
Ven, métete en una concha con tu pareja
Aún vuelan golondrinas alrededor del volcán
Y alto sobre las mezquitas rosadas
Ven, salta al agua y sumérgete en el mar
Ocúltate en el bronce de los árboles
Un pájaro nos trae frutas y vino
Mientras aún evitamos el destino
Estribillo
Un pájaro vuela en el cielo
Únete a él en su vuelo hacia el sur
Y agita una rama de palma para apartar las nubes
Para que escuches las campanas sonar
Ahora juntos recogemos flores en el césped
Y vivimos como dioses en paz
Pero allá arrojan esqueletos con cenizas
Y habitan en ciudades ardientes
Estribillo (3x)
Lleva el
Escrita por: Boudewijn de Groot / Lennaert H. Nijgh