De Dijle
Door het huilende woud
Loop ik een verlaten pad
Nooit gebonden nooit ongedwongen
Voor altijd een met wortel en aarde
Een glinsterende stroom verleidt mij
Ik tuur vanaf de waterkant
Op een bodemloze groeve
Voor een zinkende geest
Op maanverlichte pad volg ik een geluid zo puur
Het trekt mij aan als een nieuwsgierig kind
Hoewel ik voel dat ik voor altijd verloren ben
Geef ik gehoor aan de oproep van een oorverdovend lot
In de rustige heide wonen de verbannen zielen
Die dansen in betoverende duisternis
De belofte van stilte en breking van doodstrijd
Wiegt mij in eeuwige sluimer
Del Río
Por el bosque que llora
Camino por un sendero vacío
Nunca atado, nunca forzado
Por siempre uno con raíz y tierra
Un río brillante me seduce
Miro desde la orilla
En una fosa sin fondo
Por un espíritu que se hunde
En el sendero iluminado por la luna sigo un sonido tan puro
Me atrae como a un niño curioso
Aunque siento que estoy perdido para siempre
Escucho el llamado de un destino ensordecedor
En la tranquila llanura habitan las almas desterradas
Que bailan en la oscuridad encantadora
La promesa de silencio y el quiebre de la lucha mortal
Me mece en un sueño eterno