Herr Mannelig
Bittida en morgon innan solen upprann
Innan foglarna började sjunga
Bergatrollet friade till fager ungersven
Hon hade en falskeliger tunga
:Herr Mannelig, herr Mannelig trolofven I mig
För det jag bjuder så gerna
I kunnen väl svara endast ja eller nej
Om I viljen eller ej
Eder vill jag gifva de gångare tolf
Som gå uti rosendelunde
Aldrig har det varit någon sadel uppå dem
Ej heller betsel uti munnen
Sådana gåfvor toge jag väl emot
Om du vore en kristelig qvinna
Men nu så är du det värsta bergatroll
Af neckens och djävulens stämma
Bergatrollet ut på dörren sprang
Hon rister och jämrar sig svåra
Hade jag fått den fager ungersven
Så hade jag mistat min plåga
Herr Mannelig herr Mannelig trolofven I mig
För det jag bjuder så gerna
I kunnen väl svara endast ja eller nej
Om I viljen eller ej
Heer Mannelig
Vraag me in de ochtend voordat de zon opkomt
Voordat de vogels beginnen te zingen
De bergtrol vroeg de mooie jongeman ten huwelijk
Ze had een bedrieglijke tong
:Heer Mannelig, heer Mannelig, trouw met mij
Want wat ik bied, dat bied ik graag
Jullie kunnen alleen ja of nee antwoorden
Als jullie willen of niet
Ik wil jullie de twaalf gangbare rozen geven
Die bloeien in de rozenboomgaard
Nooit heeft er een zadel op hen gezeten
En ook geen bit in de mond
Die geschenken zou ik graag aannemen
Als je een christelijke vrouw was
Maar nu ben je het ergste bergtrol
Van de stem van de duivel en de kwade
De bergtrol sprong naar buiten door de deur
Ze schudt en klaagt zich zwaar
Als ik die mooie jongeman had gekregen
Zou ik mijn pijn hebben verloren
Heer Mannelig, heer Mannelig, trouw met mij
Want wat ik bied, dat bied ik graag
Jullie kunnen alleen ja of nee antwoorden
Als jullie willen of niet