Numa Corrente de Verão
Vento soprou minha ilusão
Flor de algodão, meu pensamento
Pulou muro, foi embora, looping no ar
Numa corrente de verão
Pro ninho de algum pardal, décimo andar
Pela janela, cai no pelo
De um cachorro animado pra passear
No ventilador do elevador
Lá vai a minha ilusão, flor de algodão
Quase passou carro por cima
Atravessou a rua inteira na contramão
Se estatelou pelas vitrines
Mais um golpe de ar, vai passear
A tarde inteira para pousar na sua mão
Eu não sou de olhar o que passou
Nem lamentar o que se foi
Sou de criar o que será
É como os relógios de Dali
É como as torres de Galdi
Como Brasília para Oscar
Ou no arremesso de um outro Oscar
Assim eu vou no vento
Sou uma folha de pensamento
Einstein andou no tempo
Cruzou paredes e rio por dentro
É, nosso futuro assim será
Feito uma escada a se formar
Por sob os pés de quem sonhar
De quem ousar pensar além
Eu não sou de olhar o que passou
Nem lamentar o que se foi
Sou de criar o que será
De quem ousar pensar além
In een Zomerstroom
De wind blies mijn illusie weg
Katoenen bloem, mijn gedachten
Sprong over de muur, ging ervandoor, in een luchtloop
In een zomerstroom
Naar het nest van een of andere mus, tiende verdieping
Via het raam, valt op de vacht
Van een blije hond die gaat wandelen
In de ventilator van de lift
Daar gaat mijn illusie, katoenen bloem
Bijna werd ik overreden
Stak de hele straat over tegen het verkeer in
Stortte neer tegen de etalages
Weer een luchtstoot, gaat wandelen
De hele middag om in jouw hand te landen
Ik kijk niet naar wat voorbij is
En ik treur niet om wat verloren ging
Ik ben degene die creëert wat zal zijn
Het is als de klokken van Dali
Het is als de torens van Galdi
Zoals Brasília voor Oscar
Of bij de worp van een andere Oscar
Zo ga ik met de wind
Ben een blad van gedachten
Einstein bewoog door de tijd
Stak muren en rivieren van binnen door
Ja, onze toekomst zal zo zijn
Als een trap die zich vormt
Onder de voeten van wie droomt
Van wie durft verder te denken
Ik kijk niet naar wat voorbij is
En ik treur niet om wat verloren ging
Ik ben degene die creëert wat zal zijn
Van wie durft verder te denken