De droom
Op een zomeravond
Was ik doezelig
En duizelig en loom
Ik zweefde weg
Op die zomeravond
In die zoele tuin
Had ik zo'n zoete droom
Ik zweefde weg
Over een rivier
Ik was
Licht als rijstpapier
Vlugger dan de vliegenier
Toen ik later daalde
Had ik duizend
Witte duiven om me heen
Maar ik was alleen
Toen ik water haalde
Had ik bloemen
Bij miljoenen om me heen
Maar ik was alleen
Alles leek zo blij
Alleen
Jij was er niet bij
Het leek zo mooi, maar waar was jij
Lege wegen
Niemand kwam ik tegen
Niet bij zon, niet bij maan
En ik kon alleen maar eenzaam verder gaan
Toen ik niet meer wilde
Met die wrede
Hof van Eden om me heen
Zo zielsalleen
Toen ik niet meer wilde
Toen ik huilde
Zag ik door m'n tranen heen
Wat ginds verscheen
Iets kwam dichterbij
Ik werd
Warm en licht en blij
Het was een mens en dat was jij
El sueño
En una noche de verano
Estaba adormilado
Y mareado y perezoso
Me desvanecí
En esa noche de verano
En ese cálido jardín
Tuve un sueño tan dulce
Me desvanecí
Sobre un río
Yo era
Liviano como papel de arroz
Más rápido que el aviador
Cuando finalmente descendí
Tenía mil
Palomas blancas a mi alrededor
Pero estaba solo
Cuando fui por agua
Tenía flores
Por millones a mi alrededor
Pero estaba solo
Todo parecía tan alegre
Solo
Tú no estabas ahí
Parecía tan hermoso, pero ¿dónde estabas tú?
Caminos vacíos
No encontraba a nadie
Ni con sol, ni con luna
Y solo podía seguir adelante solitario
Cuando ya no quería
Con ese cruel
Jardín del Edén a mi alrededor
Tan desolado
Cuando ya no quería
Cuando lloraba
Vi a través de mis lágrimas
Lo que apareció allí
Algo se acercaba
Me sentí
Cálido y luminoso y feliz
Era un ser humano y eras tú