395px

Hier Hebben Jullie Mij Gewond... Een Dag In De Blauwe Ruimte

Luciano Pavarotti

Colpito Qui M'avete... Un Di All 'Azzurro Spazio'

Colpitto qui m'avete ov'io geloso celo
Il più puro palpitar dell'anima
Or vedrete, fanciulla, qual poema
È la parola amor, qui causa di scherno!

Un dì all'azzurro spazio guardai profondo
E ai prati colmi di viole, pioveva l'oro il sole
E folgorava d'oro il mondo
Parea la terra un immane tesor

E a lei serviva di scrigno il firmamento
Su dalla terra a la mia fronte
Veniva una carezza viva, un bacio
Gridai vinto d'amor

T'amo tu che mi baci, divinamente bella
O patria mia!
E volli pen d'amore pregar!

Varcai d'una chiesa la soglia
Là un prete ne le nicchie
Dei santi e della vergine
Accumulava doni

E al sordo orecchio
Un tremulo vegliardo
Invan chiedeva pane
E invano stendea la mano!

Varcai degli abituri l'uscio
Un uom vi calunniava
Bestemmiando il suolo
Che l'erario appenza sazia

E contro a dio scagliava
E contro agli uomini
Le lacrime dei figli
In cotanta miserie la patrizia prole che fa?

Sol l'occhio vostro esprime umanamente qui
Un guardo di pietà, ond'io guardato ho a voi
Si come a un angelo
E dissi: Ecco la bellezza della vita!

Ma, poi, a le vostre parole
Un novello dolor m'ha colto in pieno petto
O giovinetta bella
D'un poeta non disprezzate il detto

Udite! Non conoscete amor
Amor, divino dono, non lo schernir
Del mondo anima e vita è l'amor!

Hier Hebben Jullie Mij Gewond... Een Dag In De Blauwe Ruimte

Hier hebben jullie mij gewond, waar ik jaloers verberg
Het puurste kloppen van de ziel
Nu zullen jullie zien, meisje, welk gedicht
Het woord liefde is, hier de oorzaak van spot!

Op een dag keek ik diep in de blauwe ruimte
En op de velden vol met viooltjes, regende de zon goud
En de wereld schitterde in goud
De aarde leek een immense schat

En voor haar diende de hemel als een kist
Van de aarde naar mijn voorhoofd
Kwam een levendige streling, een kus
Ik riep, overwonnen door liefde

Ik hou van jou, jij die me kust, goddelijk mooi
O mijn vaderland!
En ik wilde met liefde bidden!

Ik stapte de drempel van een kerk over
Daar in de nissen
Van de heiligen en de maagd
Verzamelde een priester geschenken

En aan het doof oor
Een trillende oude man
Vroeg tevergeefs om brood
En tevergeefs stak hij zijn hand uit!

Ik stapte de deur van de woningen over
Een man laste kwaad
Vloekend op de grond
Die de schatkist slechts verzadigt

En tegen God gooide hij
En tegen de mensen
De tranen van de kinderen
In zulke ellende, wat doet de aristocratie?

Alleen jullie ogen drukken hier menselijkheid uit
Een blik van medelijden, waarop ik naar jullie keek
Zoals naar een engel
En ik zei: Kijk, de schoonheid van het leven!

Maar toen, bij jullie woorden
Vatte een nieuwe pijn me in volle borst
O mooie jongedame
Veracht de woorden van een dichter niet

Hoor! Jullie kennen de liefde niet
Liefde, goddelijke gave, spot er niet mee
Van de wereld is liefde de ziel en het leven!

Escrita por: