Canção de Salomão
Salomão é feliz
Conta as migalhas do pão
Que um pombo não quis
Junto ao adro da matriz
Só lamenta a ingratidão
Salomão não quer saber
Dos assuntos nacionais
Sem desmerecer
Não discute com pardais
Só lamenta a confusão
Salomão... Tem tempo a perder
E muito para esquecer
E o tempo não passa
E as migalhas do pão
Do chão não passam
Tem um olho sempre a piscar
E saudades da mulher
Diz que volta e meia
Faz-lhe falta o ultramar
E conta os pombos que ali estão
Salomão é feliz
É o joelho que lhe diz
Que o tempo vai mudar
Da mulher e do ultramar
Só lamenta a cicatriz
Salomão... Tem tempo a perder
E muito para esquecer
E o tempo não passa
E as migalhas do pão
Do chão não passam
Tem tempo a perder
E muito para esquecer
E o tempo não passa
E as migalhas do pão
Do chão não passam
Het Lied van Salomo
Salomo is gelukkig
Telt de kruimels van het brood
Die een duif niet wilde
Bij de kerk in de buurt
Huilt alleen om de ondankbaarheid
Salomo wil niet weten
Van de nationale zaken
Zonder te minachten
Discutert hij niet met mussen
Huilt alleen om de verwarring
Salomo... Heeft tijd te verliezen
En veel om te vergeten
En de tijd gaat niet voorbij
En de kruimels van het brood
Vergaan niet van de grond
Hij heeft altijd een oog dat knippert
En mist zijn vrouw
Zegt dat hij af en toe
De overzeese gebieden mist
En telt de duiven die daar zijn
Salomo is gelukkig
Het is zijn knie die hem zegt
Dat de tijd zal veranderen
Van de vrouw en de overzeese gebieden
Huilt alleen om het litteken
Salomo... Heeft tijd te verliezen
En veel om te vergeten
En de tijd gaat niet voorbij
En de kruimels van het brood
Vergaan niet van de grond
Heeft tijd te verliezen
En veel om te vergeten
En de tijd gaat niet voorbij
En de kruimels van het brood
Vergaan niet van de grond