395px

De Drie Klokken

Mireille Mathieu

Les Trois Cloches

Village au fond de la vallée
Comme égaré, presqu'ignoré
Voici dans la nuit étoilée
Un nouveau-né nous est donné
Jean-François Nicot il se nomme
Il est joufflu, tendre et rosé
À l'église, beau petit homme,
Demain tu sera baptisé...

Une cloche sonne, sonne
Sa voix d'écho en écho
Dit au monde qui s'étonne:
"C'est pour Jean-François Nicot"
C'est pour accueillir une âme
Une fleur qui s'ouvre au jour
A peine, à peine une flamme
Encore faible qui réclame
Protection, tendresse, amour...

Village au fond de la vallée
Loin des chemins, loin des humains
Voici qu'après dix-neuf années
Coeur en émoi, le Jean-François
Prend pour femme la douce Élise
Blanche comme fleur de pommier
Devant Dieu, dans la vieille église
Ce jour il se sont mariés...

Toutes les cloches sonnent, sonnent
Leurs voix d'écho en écho
Merveilleusement couronnent
La noce à François Nicot
"Un seul coeur, une seule âme",
Dit le prêtre, "et pour toujours
Soyez une pure flamme
Qui s'élève et qui proclame
La grandeur de votre amour."

Village au fond de la vallée
Des jours, des nuits, le temps a fui
Voici dans en la nuit étoilée
Un coeur s'endort, François est mort...
Car toute chair est comme l'herbe
Elle est comme la fleur des champs
Épis, fruits mûrs, bouquets et gerbes,
Hélas vont en se desséchant...

Une cloche sonne, sonne
Elle chante dans le vent
Obsédante et monotone
Elle redit aux vivants:
"Ne tremblez pas coeurs fidèles
Dieu vous fera signe un jour
Vous trouverez sous son aile
Avec la Vie Éternelle
L'éternité de l'amour..."

De Drie Klokken

Dorp aan de voet van de vallei
Bijna verloren, bijna vergeten
Hier in de sterrennacht
Wordt een pasgeborene ons gegeven
Jean-François Nicot is zijn naam
Hij is dik, teder en roze
In de kerk, een mooi klein mannetje,
Morgen word je gedoopt...

Een klok luidt, luidt
Zijn stem van echo naar echo
Zegt tegen de wereld die zich verwondert:
"Het is voor Jean-François Nicot"
Het is om een ziel te verwelkomen
Een bloem die zich opent voor de dag
Bijna, bijna een vlam
Nog zwak die vraagt om
Bescherming, tederheid, liefde...

Dorp aan de voet van de vallei
Ver weg van paden, ver weg van mensen
Hier, na negentien jaren
Met een onrustig hart, neemt Jean-François
De lieve Élise tot vrouw
Wit als een bloesem van een appelboom
Voor God, in de oude kerk
Zijn ze op deze dag getrouwd...

Alle klokken luiden, luiden
Hun stemmen van echo naar echo
Wonderbaarlijk kronen ze
Het huwelijk van François Nicot
"Één hart, één ziel",
Zegt de priester, "en voor altijd
Wees een pure vlam
Die oprijst en die verkondigt
De grootheid van jullie liefde."

Dorp aan de voet van de vallei
Dagen, nachten, de tijd is gevlogen
Hier in de sterrennacht
Slaapt een hart, François is dood...
Want alle vlees is als gras
Het is als de bloem van de velden
Aren, rijpe vruchten, boeketten en schoven,
Helaas verdrogen ze...

Een klok luidt, luidt
Ze zingt in de wind
Obsedant en eentonig
Herhaalt ze tegen de levenden:
"Wees niet bang, trouwe harten
God zal jullie op een dag een teken geven
Jullie zullen onder zijn vleugel vinden
Met het Eeuwige Leven
De eeuwigheid van de liefde..."