Bizkaiko
De rijke van Bizkaia
zijn echte geldwolven,
varkenskopers en
worstverkopers.
Ze hebben de winkels
in Bilbao volgepropt,
nooit hebben ze
iets gratis gegeven,
ze vechten immers
voor het geld.
De man van de middag
gaat vaak naar Bilbao
met de tram van Lemoa
en altijd op tijd.
Tussen hen zegt hij
met veel humor
met een nieuw pak
vandaag ga ik feesten,
de oude schoft
kleedt zich in stijl.
Als ze dat zien,
blijven alle winkeliers
oud en stil staan,
terwijl de jonge
hen willen verkopen
natte makrelen,
middernachtsterren
en zonnen,
wat een rommel
om iemand te bedriegen.
Somera, Artekale,
verder Tenderia,
we zagen daar
honderd komedies.
De drang van de winkelier,
wie kan dat verhelpen!
Op de man is het
neergestort,
hij is zijn been kwijt,
oh, wat een ellende!
Als een krab
is hij weggerend
met één been,
misschien overleeft hij.
In deze wereld is er
helemaal geen rechtvaardigheid,
je wilt een pak kopen
in de zeven straten
en je hebt daar
schoenen nodig.
De boeren uit het Baskenland
hebben armoede,
maar nog groter is
de grootheid van velen.
Vanuit Madrid is er gekomen
de Engelse Cortes,
als hij daar binnenkomt
in de Baskische ellende,
is er een gemakkelijke manier
door geld uit te geven.
Ga daar niet naar binnen,
beste Bask,
je hebt de deur
openstaan,
je verliest en
je tweede been,
ja, en bovendien,
je onderlichaam.
Wat een oplossing
voor een Bask!