395px

El eterno anhelo

Pater Moeskroen

Het eeuwige verlangen

Hij wacht elke dag bij de grote poort
Maar de kans dat ze komen is maar klein
Hij lacht naar elke auto die binnenkomt
En hij huilt van geluk als zij het zijn
Die ene keer in de veertien dagen
Daar wacht ie op, zonder klagen
Met een eindeloos geduld
Het eeuwige verlangen wordt nooit vervuld

Hij woont al twintig jaar op het paviljoen
Maar dat zegt 'm niets, zo'n getal
Hij moet elke dag z'n werk doen
En meteen daarna zie je 'm al
Staat ie weer heel bedeesd
Te wachten, want hij weet niet meer
Dat ze gisteren al zijn geweest
Het eeuwige verlangen dat nooit geneest

En zijn ouders zijn al lang bejaard
Dus het duurt nog maar een poos
Dan staat ie voor altijd tevergeefs
Te zwaaien naar de auto's
Bij de poort kun je 'm altijd zien
Al zal hij binnenkort misschien
Nooit meer huilen van geluk
Het eeuwige verlangen

El eterno anhelo

Él espera cada día en la gran puerta
Pero la probabilidad de que lleguen es pequeña
Él sonríe a cada auto que entra
Y llora de felicidad si son ellos
Esa única vez en catorce días
Espera sin quejarse
Con una paciencia interminable
El eterno anhelo nunca se cumple

Ha vivido veinte años en el pabellón
Pero eso no significa nada, solo un número
Debe hacer su trabajo todos los días
Y luego de inmediato lo verás
De pie, muy tímido
Esperando, porque ya no recuerda
Que estuvieron allí ayer
El eterno anhelo que nunca sana

Y sus padres ya son ancianos
Así que solo falta un poco
Entonces estará esperando en vano para siempre
Saludando a los autos
Siempre puedes verlo en la puerta
Aunque tal vez pronto
Ya no llore de felicidad
El eterno anhelo

Escrita por: