Youryuu Risui
きおくにのこらないつばさをたたんで
kioku ni nokoranai tsubasa wo tatande
うすはなさくらのからだをひそめくもをまねけ!
usuhana sakura no karada wo hisome kumo wo maneke!
せんのまがりにはみなもがひそくにひかっていた
sen no magari ni wa minamo ga hisoku ni hikatteita
りゅうげーをまつきのとおくなるひび
ryuuge-e wo matsu ki no tookunaru hibi
かさねていくこともいとわないなら
kasaneteiku koto mo itowanai nara
かみなりどりのこえにめざめこうをだきしめたかたびらまとう
kaminaridori no koe ni mezame kou wo dakishimeta katabira matou
あさはなだにそめたもめんのいとあみ
asahanada ni someta momen no itoami
つかにまきつけふみだすそのさきには
tsuka ni makitsuke fumidasu sono saki ni wa
あがきなどふりすてたおおだちをてに
agaki nado furisuteta oodachi wo te ni
おのれをみちびくたましいのかまえをとれるか
onore wo michibiku tamashii no kamae wo toreru ka
あやしいあしたぬりこめ
ayashii ashita nurikome
いろなきかぜにはたつたひめのすがたもみえない
ironaki kaze ni wa tatsutahime no sugata mo mienai
きまもりもなくしたそのあとの
kimamori mo nakushita sono ato ni
のこされたもずのにえがさきほのめかす
nokosareta mozu no nie ga sakihono mekasu
まよいはすでにせんりのそとことばにならないあかしのまえに
mayoi wa sude ni senri no soto kotoba ni naranai akashi no mae ni
ながれはつねになくひそくにしずかまる
nagare wa tsune ni naku hisoku ni shizukamaru
ひかりをはじいてそのからだをさらす
hikari wo hajiite sono karada wo sarasu
つやめくうなこにはつきもめをそらす
tsuyameku unako ni wa tsuki mo me wo sorasu
うすはなさくらにくもさえいろをかえ
usuhana sakura ni kumo sae iro wo kae
したがえ!
shitagae!
このめまいのむこうへと
kono memai no mukou e to
Jouw Verlangen
herinneringen blijven niet hangen, vleugels zijn opgeheven
bloesem van de kersenboom, verborgen in de wolken, roep me!
in de kronkelige stroom glinsterde het water stilletjes
onder de dagen die de drakenwacht ver weg leken
als het samenkomen geen verdriet meer kent
ik word wakker door de stem van de dondervogel, omarm de ochtend met mijn schouder
in de ochtendgloren, gekleurd door de katoenweefsel
waar ik mijn voetstappen zet, verderop in de toekomst
met de vurige takken die de hemel aanraken
kan ik de ziel die me leidt, de houding van mijn geest, vasthouden?
wanneer de verdachte morgen zich mengt
in de wind die geen kleur heeft, is de gedaante van de prinses niet te zien
na het verlies van mijn vrijheid
blijft de geur van de overblijfselen bloeien
twijfels zijn al voorbij, voor het bewijs dat niet in woorden te vangen is
de stroom huilt altijd stilletjes, kalmeert zich
licht breekt door en ontdoet het lichaam
in de glanzende schaduw van de maan, kijk ik weg
zelfs de kersenbloesem verandert van kleur in de wolken
volg me!
naar de andere kant van deze dans.