Enkele Reis
Daar stond ik dan, eenzaam op de trein te wachten
Ik dacht, misschien is dit één van die dagen,
zo één die je maar zelden ziet,
zo één die in je hoofd blijft hangen,
zo één die past in een zeldzaam lied.
En daar ginds in de verte draafde een gele wagon,
zo één die rijdt in de juiste baan,
zo één die anders is dan de rest,
zo één waar je dolgraag in wil staan.
En daar stond ik dan, eenzaam in de trein te wachten.
Ik dacht misschien is dit één van die momenten,
zo één waar je maar zelden van hoort,
zo één waar geen mens aan denkt,
zo één die eigenlijk niet spoort.
En toen zag ik in de verte het einde van de reis,
zo één die werkelijk bestaat,
zo één die iedereen wel kent,
zo één komt wel eens te laat.
En daar was ik dan, eenzaam wandelend op het perron.
Ik dacht, misschien ben ik één van die personen,
zo één die alles beter weet,
zo één die weet waar ie voor staat,
zo één die zelden iets vergeet.
En toen zag ik mezelf door het raam van de wagon.
zo één die niet in mijn straatje past,
zo één die alle pijn laat zien,
zo één was die ander achter het glas.
Wat zal hij wel niet denken?
Wat zou hij willen doen?
Zo'n jongen die maar loop te staren,
heeft hij dan geen fatsoen?
Ik dacht bij mezelf, stel dat ik terug moet,
en ik pak dezelfde trein,
en sta weer naar het raam te staren.
Zou ik onzichtbaar zijn?
Viaje de Ida
Ahí estaba yo, solo esperando el tren
Pensé, tal vez este sea uno de esos días,
uno de esos que rara vez ves,
uno que se queda en tu mente,
uno que encaja en una canción rara.
Y allí, en la distancia, corría un vagón amarillo,
uno que va por el carril correcto,
uno que es diferente al resto,
uno en el que realmente quieres estar.
Y ahí estaba yo, solo esperando en el tren.
Pensé que tal vez este sea uno de esos momentos,
uno del que rara vez se escucha,
uno en el que nadie piensa,
uno que realmente no tiene sentido.
Y luego vi en la distancia el final del viaje,
uno que realmente existe,
uno que todos conocen,
uno que a veces llega tarde.
Y ahí estaba yo, solo caminando en el andén.
Pensé, tal vez soy uno de esos individuos,
uno que cree saberlo todo,
uno que sabe lo que quiere,
uno que rara vez olvida algo.
Y luego me vi a mí mismo a través de la ventana del vagón,
uno que no encaja en mi mundo,
uno que muestra todo el dolor,
uno que era el otro lado del cristal.
¿Qué estará pensando él?
¿Qué querrá hacer?
Ese chico que solo camina mirando fijamente,
¿no tiene educación?
Pensé para mí mismo, ¿y si tengo que volver,
y tomo el mismo tren,
y vuelvo a mirar por la ventana?
¿Sería invisible?