Ho Conosciuto il Dolore
Ho conosciuto il dolore
Di persona, s’intende
E lui mi ha conosciuto
Siamo amici da sempre
Io non l’ho mai perduto
Lui tanto meno
Che anzi si sente come finito
Se, per un giorno solo
Non mi vede o non mi sente
Ho conosciuto il dolore
E mi è sembrato ridicolo
Quando gli dò di gomito
Quando gli dico in faccia
”Ma a chi vuoi far paura?”
Ho conosciuto il dolore
Ed era il figlio malato
La ragazza perduta all’orizzonte
Il sogno strozzato
L’indifferenza del mondo alla fame
Alla povertà, alla vita
Il brigante nell’angolo
Nascosto vigliacco battuto tumore
Dio, che non c’era
E giurava di esserci, ah se giurava, di esserci
E non c’era
Ho conosciuto il dolore
E l’ho preso a colpi di canzoni e parole
Per farlo tremare
Per farlo impallidire
Per farlo tornare all’angolo
Cosi pieno di botte
Cosi massacrato stordito imballato
Cosi sputtanato che al segnale del gong
Saltò fuori dal ring e non si fece mai più
Mai piu vedere
Poi l’ho fermato in un bar
Che neanche lo conosceva la gente
L’ho fermato per dirgli
“Con me non puoi niente!”
Ho conosciuto il dolore
E ho avuto pietà di lui
Della sua solitudine
Delle sue dita da ragno
Di essere condannato al suo mestiere
Condannato al suo dolore
L’ho guardato negli occhi
Che sono voragini e strappi
Di sogni infranti, respiri interrotti
Ultime stelle di disperati amanti
“Ti vuoi fermare un momento?” gli ho chiesto
“Insomma vuoi smetterla di nasconderti? Ti vuoi sedere?
Per una volta ascoltami!! Ascoltami
E non fiatare!”
Hai fatto di tutto
Per disarmarmi la vita
E non sai, non puoi sapere
Che mi passi come un’ombra sottile sfiorente
Appena-appena toccante
E non hai vie d’uscita
Perché, nel cuore appreso
In questo attendere
Anche in un solo attimo
L’emozione di amici che partono
Figli che nascono
Sogni che corrono nel mio presente
Io sono vivo
E tu, mio dolore
Non conti un cazzo di niente
Ti ho conosciuto dolore in una notte di inverno
Una di quelle notti che assomigliano a un giorno
Ma in mezzo alle stelle invisibili e spente
Io sono un uomo
E tu non sei un cazzo di niente
Ik Heb de Pijn Ontmoet
Ik heb de pijn ontmoet
Persoonlijk, dat spreekt voor zich
En hij heeft mij gekend
We zijn altijd vrienden geweest
Ik heb hem nooit verloren
Hij ook niet
Hij voelt zich zelfs als een verliezer
Als hij, voor maar één dag
Me niet ziet of niet hoort
Ik heb de pijn ontmoet
En het leek me belachelijk
Wanneer ik hem een duwtje geef
Wanneer ik hem recht in het gezicht zeg
"Maar wie wil je bang maken?"
Ik heb de pijn ontmoet
En het was de zieke zoon
Het verloren meisje aan de horizon
De verstikte droom
De onverschilligheid van de wereld voor honger
Voor armoede, voor het leven
De bandiet in de hoek
Verborgen, lafaard, verslagen door kanker
God, die er niet was
En zwoer dat hij er was, oh als hij zwoer, dat hij er was
En hij was er niet
Ik heb de pijn ontmoet
En ik heb hem te lijf gegaan met liedjes en woorden
Om hem te laten beven
Om hem te laten verbleken
Om hem terug te dringen naar de hoek
Zo vol klappen
Zo afgetuigd, verdoofd, ingepakt
Zo vernederd dat bij het signaal van de gong
Hij uit de ring sprong en nooit meer terugkwam
Nooit meer te zien
Toen heb ik hem in een café gestopt
Waar de mensen hem niet eens kenden
Ik heb hem gestopt om te zeggen
"Met mij kun je niets beginnen!"
Ik heb de pijn ontmoet
En ik had medelijden met hem
Met zijn eenzaamheid
Met zijn spinnenvingers
Met het feit dat hij veroordeeld is tot zijn vak
Veroordeeld tot zijn pijn
Ik keek hem in de ogen
Die zijn afgronden en scheuren
Van gebroken dromen, onderbroken ademhalingen
Laatste sterren van wanhopige geliefden
"Wil je even stoppen?" vroeg ik hem
"Wil je eindelijk stoppen met je verstoppen? Wil je gaan zitten?
Voor één keer, luister naar me!! Luister naar me
En zeg niets!"
Je hebt alles gedaan
Om mijn leven te ontwapenen
En je weet niet, je kunt niet weten
Dat je me als een dunne schaduw raakt
Net aanraakend
En je hebt geen uitweg
Want, in het geleerde hart
In dit wachten
Zelfs in een enkel moment
De emotie van vrienden die vertrekken
Kinderen die geboren worden
Dromen die rennen in mijn heden
Ik ben levend
En jij, mijn pijn
Telt voor geen reet
Ik heb je ontmoet, pijn, op een winteravond
Een van die nachten die op een dag lijken
Maar tussen de onzichtbare en dode sterren
Ben ik een man
En jij bent helemaal niets.