395px

La canción de la negra Leentje

Wim Sonneveld

Het lied van zwarte Leentje

Dit is het lied van Zwarte Leentje
Die is gevonden langs de baan
Zij heb voor jaren in d'r eentje
Met paling op de markt gestaan
Zij was een meid om van te dromen
En ook van keurige komaf
En als die heer niet was gekomen
Dan lag ze nou niet in d'r graf

Want hij kwam eerst met rooie rozen
En een sigaartje voor d'r pa
En toen het kind begon te blozen
Bracht hij haar naar de opera
En toen haar pa nog zat te roken
Fluisterde hij iets in haar oor
Waardoor haar hart al was gebroken
Voordat ze ook haar eer verloor

En van het ene kwam het ander
En van het ander kwam een kind
Hij zei: "Het komt wel voor mekander
A's ik een mooie woning vindt"
Maar op een dag, wat viel te vrezen
Moest hij op reis en nam de trein
't Heb niet alleen zo moeten wezen
Maar het heeft ook zo moeten zijn

En het kwam gauw van kwaad tot erger
En 't kwam van erger tot de straat
Zij kon haar schande niet verbergen
En viel gedurig van de graat
Vorige week is ze gevonden
Met een rood sjaaltje om d'r nek
En in haar brief stond onomwonden:
"Toen Sjaak op reis ging wer' ik gek"

En de moraal van dit gebeuren
Al valt het, meisjes, u ook hard
Pas op voor duistere signeuren
Die u verleiden op de mar't
Want als de vogel is verzwonden
Komt gij al spoedig tot de val
En na de zoete smaak der zonde
Proeft gij de dood zijn bitt're gal

La canción de la negra Leentje

Este es el canto de la negra Leentje
Que fue encontrada a lo largo del camino
Ella estuvo sola durante años
Vendiendo anguilas en el mercado
Era una chica para soñar
Y también de buena familia
Y si ese caballero no hubiera llegado
Ella no estaría ahora en su tumba

Porque él llegó primero con rosas rojas
Y un cigarrito para su padre
Y cuando la niña empezó a sonrojarse
La llevó al teatro
Y mientras su padre aún fumaba
Le susurró algo al oído
Lo que rompió su corazón
Antes de perder también su honor

Y de una cosa vino la otra
Y de la otra vino un hijo
Él dijo: "Todo se arreglará
Si encuentro una bonita vivienda"
Pero un día, lo que se temía
Tuvo que viajar y tomó el tren
No solo debía ser así
Sino que también debía ser así

Y todo empeoró rápidamente
Y de mal en peor llegó a la calle
Ella no pudo ocultar su vergüenza
Y se desmayaba constantemente
La semana pasada la encontraron
Con un pañuelo rojo en el cuello
Y en su carta decía claramente:
"Cuando Sjaak se fue de viaje, me volví loca"

Y la moraleja de esta historia
Aunque les resulte duro, chicas
Cuidado con los hombres oscuros
Que las seducen en el mercado
Porque una vez que el pájaro ha volado
Pronto caerán en la trampa
Y después del dulce sabor del pecado
Probarán la amarga hiel de la muerte

Escrita por: