Kun je nog zingen (Volksliedminnaars)
Zij was een volksliedminnares
En hij was een volksliedminnaar
Zij was voor hem de kurk op de fles
En dus viel hij reuze in haar
Zo gezegd en zo gedaan
Hinkel de pinkel daar kwamen zij aan
refren':
Ze voeterden en handerden
Ze klitsten en ze klanderden
Van de ene bips op de anderden
Van Nispen (hoi) tot Pannerden
En van Voorst tot Voorst
Hij ging er onderdoor en doorder
Zij ging het onderdoorst
Zij kochten een huis voor een volksliedprijs
En weet je waarheen ze gingen
Tussen Keulen en Parijs
En ze woonden op Scheveningen
't Ging van hier en 't ging van daar
Hij waste zijn handje en zij kamde haar haar
refren'
Zij bloeide op als een wuuf dat spon
En hij ging emmertjes pompen
Op blote voeten in de zon
En anders liep Hannes op klompen
Eenmaal raden van wie van wie
Juist, van Koning Willem III
¿Todavía puedes cantar (Amantes de himnos populares)
Ella era una amante de himnos populares
Y él era un amante de himnos populares
Ella era para él la tapa de la botella
Y así cayó enormemente por ella
Dicho y hecho
Hinkel de pinkel, allí llegaron
Coro:
Ellos se toquetearon y manosearon
Se enredaron y se enredaron
De una nalga a la otra
De Nispen (hola) a Pannerden
Y de Voorst a Voorst
Él pasó por debajo y más allá
Ella pasó por debajo más allá
Compraron una casa a precio de himno popular
¿Y sabes a dónde se fueron?
Entre Colonia y París
Y vivieron en Scheveningen
Iban de aquí para allá
Él se lavaba las manos y ella se peinaba el pelo
Coro
Ella florecía como una mujer que hilaba
Y él iba a bombear cubos de agua
Descalzo bajo el sol
Y si no, Hannes caminaba en zuecos
Adivina de quién de quién
Exacto, del Rey Guillermo III