Biecht van een nonnetje
Ik heb gedroomd, eerwaarde
Dat hij nog lief mij had
En ik in het wiegend bootje
Weer aan zijn zijde zat
En ik in het wiegend bootje
Weer aan zijn zijde zat
Hij nam m'n hand, eerwaarde
En keek zo lief naar mij
Zijn ogen straalden als sterren
Wat sloeg mijn hart toen blij
Zijn ogen straalden als sterren
Wat sloeg mijn hart toen blij
Foei kind, aan nog denken
Is grote zonde nu
Je bent aan God verbonden
En hij is dood voor u
Je bent aan God verbonden
En hij is dood voor u
Ze boog het hoofd, eerwaarde
Sprak zei met stille stem
Ik wil niet meer aan hem denken
Maar ik droom nog steeds van hem
Ik wil niet meer aan hem denken
Maar ik droom nog steeds van hem
Confesión de una monjita
He soñado, reverendo
Que aún me amaba
Y en el barquito mecedor
Estaba de nuevo a su lado
Y en el barquito mecedor
Estaba de nuevo a su lado
Tomó mi mano, reverendo
Y me miró tan tiernamente
Sus ojos brillaban como estrellas
¡Qué feliz latía mi corazón entonces!
Sus ojos brillaban como estrellas
¡Qué feliz latía mi corazón entonces!
¡Ay, niña, seguir pensando en él
Es un gran pecado ahora!
Estás comprometida con Dios
Y él está muerto para ti
Estás comprometida con Dios
Y él está muerto para ti
Ella inclinó la cabeza, reverendo
Y dijo con voz suave
No quiero seguir pensando en él
Pero aún sueño con él
No quiero seguir pensando en él
Pero aún sueño con él